Solliciteren bij Rabobank gaat gewoon door. Uiteraard zullen alle gesprekken tot nader order telefonisch of via videocall plaatsvinden.

Boeren voor Buren: Rabo’ers over hun rol in de opzet van een korte voedselketen

Een sociale voedselketen door samen te werken

Hoe verbind je kwetsbare Amsterdammers met boeren die een overschot aan groente en aardappels hebben liggen? Ruim 150 Rabobank-medewerkers hielpen tijdens de coronacrisis mee om het sociale initiatief Boeren voor Buren van de grond te tillen. Hoe deden zij dat precies? We laten vier medewerkers aan het woord over hun aandeel in deze succesvolle korte voedselketen.

‘Boeren voor buren’ is geboren uit nood. Veel kwetsbare Amsterdammers hebben moeite om elke maand de eindjes aan elkaar te knopen. Door de coronacrisis geldt dat voor nog meer mensen. Velen verloren hun baan of inkomsten, maar moeten wel dagelijks hun gezin van een fatsoenlijke maaltijd voorzien. Tegelijkertijd blijft er jaarlijks een overschot van miljoenen kilo’s aardappelen liggen in schuren van boeren.

In no-time een voedselketen opgezet

Boeren kampten ook voor de coronacrisis al met productieoverschotten. Bovendien worden hun ‘misvormde’ groenten vaak niet verkocht aan supermarkten en dienen ze daarom vaak als veevoer. Terwijl die net zo lekker en voedzaam zijn. Ontzettend zonde, dacht Eric Traa, directeur Marktteams bij Rabobank Amsterdam. Dat moet anders. En zo ontstond, met behulp van vele partijen, in no-time een sociale voedselketen tussen Amsterdam en Flevoland: Boeren voor BurenBoeren voor Buren is opgericht door Eric Traa, sociaal ondernemer Ruben Nieuwenhuis en Abdelhamid Idrissi. De drie mannen kennen elkaar uit de ledenraad van Rabobank Amsterdam. Idrissi is de oprichter van Stichting Studiezalen, een plek waar kinderen uit kwetsbare gezinnen terechtkunnen voor gratis huiswerkbegeleiding. Via Idrissi hadden ze een eerste afzetmarkt voor de verse voedselpakketten, via Rabobank het contact met boeren.. Van de productieoverschotten maakt het initiatief betaalbare voedselpakketten voor Amsterdammers met een kleine portemonnee. En de boer krijgt een eerlijke prijs voor zijn product.

Willeke Waller: “Prachtig voorbeeld van korte voedselketen”

Willeke Waller van Rabobank Almere is al vanaf het eerste uur betrokken bij het initiatief. Als adviseur voor coöperatieve impact richt zij zich op food & agri. Hierdoor heeft ze veel contact met agrarische ondernemers. “Eric Traa vroeg mij of ik boeren kende die aan dit project zouden willen meewerken. Die kende ik zeker. Vanuit mijn functie draag ik bij aan het opzetten van duurzame en sterkere voedselketens. Het liefst met zo min mogelijk schakels tussen de boer en consument. En dit idee was daar een prachtig voorbeeld van. Ik heb de initiatiefnemers van Boeren voor Buren in eerste instantie gelinkt aan de netwerkvereniging van Flevolandse voedselbedrijven: Flevofood. Daarmee hadden ze een overkoepelende partij voor het contact met de boeren.”

Ramon van der Tol: “Dit project is win-win-win”

Collega Ramon van der Tol was net als Willeke erg te spreken over het idee. Als accountmanager food & agri denkt hij na over nieuwe verdienmodellen voor boeren. Hij wist direct een aantal agrariërs uit zijn netwerk, die met flinke overschotten kampen, te enthousiasmeren om mee te doen. “Het bestuur van Flevofood zorgt er nu voor dat hun groenten en fruit met een vrachtwagen naar Amsterdam komen. Het verdienmodel van Boeren voor Buren is echt win-win-win. Goed voor de boer, goed voor het milieu en super voor de armere gezinnen die nu vers eten tot hun beschikking hebben.”

Chelsea Wooter: “Geweldig om dit samen te doen”

Om al die voedselpakketten te vullen zijn vele handen nodig. Toen Rabobankmedewerkers van het initiatief hoorden, meldden ze zich massaal aan om te helpen. Zo ook Chelsea Wooter, kredietbeoordelaar. “Ik kreeg de oproep doorgestuurd van een collega van Rabo Amsterdam. Wat een mooi initiatief! Dit is precies de reden dat ik dit jaar bij Rabobank ben gaan werken. De bank is bij veel maatschappelijke projecten betrokken, waarvoor ze vaak de hulp van medewerkers inschakelen. De voedselpakketten stelden we samen in de RAI. Ik vond het geweldig om te zien dat we dit met zoveel medewerkers deden. De saamhorigheid was groot.”

Sil Scholte: “Doelgroep blij gemaakt met slimme distributie”

Maar hoe verdeel je al die voedselpakketten nou efficiënt over Amsterdam? Trainee Sil ScholteEen trainee werkt in één jaar tijd op vier verschillende afdelingen binnen de bank. Zo leer je de bank beter kennen en ontdek je wat het beste bij je past. Sil Scholte hield zich op de eerste drie plekken bezig met data science. Voor zijn laatste rotatie wilde hij graag iets heel anders doen. Hij koos voor Boeren voor Buren. “Bij dit project werkte ik opeens aan de voorkant van het bedrijf en had ik direct contact met klanten. Dat was een erg leuke afwisseling.” verdiepte zich drie maanden in de distributie en logistiek van het initiatief. “In het begin hadden we maar één centrale uitgiftelocatie in Amsterdam. De doelgroep moest dan soms drie kwartier fietsen om een voedselpakket op te halen. Dat werkte niet goed. Ik organiseerde met mijn team uiteindelijk vier vaste uitgiftepunten in Amsterdamse wijken, zoals een buurthuis en een school. Daar was de doelgroep erg blij mee!”

Sil koos bewust om een deel van zijn traineeship bij Rabobank Amsterdam te doen, omdat hij graag voor directievoorzitter Barbara Baarsma wilde werken. Zij schreef in 2020 het boek Nederland Voedselparadijs, over het belang van korte ketens. “Ik vind Barbara erg inspirerend. Ze is erg betrokken bij Boeren voor Buren en mede daarom wilde ik wat betekenen in de opzet van dit initiatief.“

Inmiddels is Boeren voor Buren uitgegroeid tot een zelfstandige stichting met eigen vrijwilligers. Én ambitieuze plannen. Hun droom is om 50.000 mensen in de regio Amsterdam wekelijks van voedsel te voorzien. En daarna verder te groeien door heel Nederland. Willeke Waller: “Boeren voor Buren is nu ook in Almere gestart. Het initiatief dat we versneld opzetten vanwege de coronacrisis, heeft zichzelf inmiddels bewezen als blijver voor de lange termijn. Wat mij betreft is dit de opmaat naar meer soortgelijke korte voedselketens.”